Schoolkerkdienst 1

Informatie over het verloop van de erediensten vindt u hier.

Erediensten

Activiteitenkalender

Voorganger : Ds. G. van de Pol

Aanvangstijd : 18:30


Zondagavond 24 september – Voorganger Ds. G. van de Pol

Ouderling van dienst: Arjan Pullen

Organist: Hans van Oudheusden

Orgelspel  - Afkondigingen

We zingen Gezang 90: 1 (staande)
1. Is God de Heer maar voor mij,
wat zou mij tegen zijn?
Ik roep: ‘ach Here, hoor mij!’
en wat mij kwelt wordt klein.
Al heeft zich ook verheven
de macht van hel en dood,
ik heb voor heel mijn leven
in God mijn bondgenoot.

Moment van stilte (staande)

Votum en groet (staande)

We zingen Gezang 90: 2 en 3
2. Dit weet ik vast en zeker,
dat mij de Heer bemint,
dat Hij mijn deel, mijn beker,
mijn Vader is, mijn vriend,
dat Hij geen kwaad kan willen,
dat Hij mij bij wil staan,
dat Hij de storm zal stillen,
mijn vijand zal verslaan.

3. De grond van mijn vertrouwen
is Christus, - in zijn bloed
is voor wie op Hem bouwen
Gods heil in overvloed.
Ik vind in eigen leven
niets lieflijks hier op aard;
wat Hij mij heeft gegeven
alleen is minnenswaard.

Gebed om de verlichting met de heilige Geest

We lezen uit de Bijbel Mattheüs 27: 45 - 5045Rond het middaguur viel er duisternis over het hele land, die drie uur aanhield.
46Aan het einde daarvan, in het negende uur, riep Jezus met luide stem: ‘Eli, Eli, lema sabachtani?’ Dat betekent:
‘Mijn God, mijn God, waarom hebt U Mij verlaten?’ 47Toen de omstanders dat hoorden, zeiden enkelen van hen:
|‘Hij roept om Elia!’ 48Meteen kwam er uit hun midden iemand toegesneld die een spons pakte en in water met azijn doopte.
Hij stak de spons op een stok en probeerde Hem te laten drinken. 49De anderen zeiden: ‘Laten we nu maar eens zien of
Elia Hem komt redden.’ 50Jezus riep op-nieuw, luidkeels, en gaf de geest.

We lezen uit de Bijbel 1 Petrus 3: 18 - 22
18Ook Christus immers heeft, terwijl Hij zf rechtvaardig was, geleden voor de zonden van onrechtvaardigen, voor eens en altijd,
om u zo bij God te brengen. Naar het lichaam werd Hij gedood maar naar de geest tot leven gewekt. 19Hij is naar de geesten
gegaan die gevangenzaten, om dit alles aan hen te verkondigen. 20Ten tijde van Noach weigerden zij te gehoorzamen,
toen God geduldig wachtte en de ark gebouwd werd. In de ark werden slechts enkele mensen, acht in totaal, door de
watervloed heen gered, 21en dat water is een voorafbeelding van het water van de doop, die niet het vuil van uw lichaam
wast maar een vraag is aan God om een zuiver geweten. De doop brengt redding dankzij de opstanding van Jezus Christus,
22die de he-mel is binnengegaan en nu aan Gods rechterhand zit, terwijl de engelen, machten en krachten aan Hem onderworpen zijn.

We zingen Hemelhoog Lied 370 (staande)
1. ’k Geloof in God – Hij is mijn Vader,
almachtig Koning op zijn troon,
Schepper van hemel en van aarde,
en in zijn eengeboren Zoon,
die ik als mijn Verlosser eer;
in Jezus Christus, onze Heer,

2. Die van de heil’ge Geest ontvangen,
als mens geboren uit een maagd,
onder Pilatus heeft geleden,
door onze schuld werd aangeklaagd,
stierf aan het kruis, lag in het graf,
tot in de hel daalde Hij af.

3. ’k Geloof dat Hij ten derden dage
eer opgestaan is uit de dood,
is naar de hemel opgevaren,
zit aan de rechterhand van God,
vanwaar Hij met bazuingeschal
eenmaal ten oordeel komen zal.

4. Ook wordt de Geest door mij beleden.
’k Geloof een kerk die God ons geeft,
ware gemeenschap van de heil’gen,
dat God mijn zonden steeds vergeeft,
mijn lichaam van de dood bevrijdt
en dat ik leef in eeuwigheid.

Verkondiging – …neergedaald in de hel…

We zingen Gezang 182: 3 en 6
3. Die gewillig waart ten dode,
in het duister van de pijn
U ten offer hebt geboden,
hoe verlaten moest Gij zijn,
troosteloos aan ’t kruis gehangen
opdat wij uw troost ontvangen.
Duizend, duizendmaal, o Heer,
zij U daarvoor dank en eer.

6.Dank zij U, o Heer des levens,
die de dood zijt doorgegaan,
die Uzelf ons hebt gegeven
ons in alles bijgestaan,
dank voor wat Gij hebt geleden,
in uw kruis is onze vrede.
Voor uw angst en diepe pijn
wil ik eeuwig dankbaar zijn.

Dankgebed

Inzameling van de gaven

1.  Diaconaat en eredienst  - 2.  Plaatselijk jeugdwerk

We zingen NLB Lied 623: 4, 5 en 6 (staande)
4. Helder staat mij voor ogen,
dit vrolijke toneel.
Wat ook nog dreigen moge,
geen angst wordt mij te veel.
Niets dat de moed beneemt,
en mij de schat ontvreemdt
die ik in Christus vind:
ik ben door Hem bemind!

5. De hel en zijn trawanten,
zij krenken mij geen haar.
Ik durf de zonden tarten,
zij vormen geen gevaar!
Al maakt de dood stampij,
voor mij is hij voorbij.
Ja, hij bestaat niet meer,
al gaat hij hard tekeer.

7. Ik ben voorgoed verbonden
met Christus, die als hoofd
mij als één van zijn leden
voor altijd trouw belooft.
Al trekt Hij door de dood,
tot in de diepste nood,
tot in de zwartste hel
blijft Hij mijn metgezel.

Zegen (staande)

Orgelspel